De methodiek.

Als integratiedocent leer je werken met de Themis-methodiek.

Deze methodiek is sinds 2002 ontwikkeld op basis van principes uit de volwasseneneducatie. 

  • Participatief: door middel van o.a. mapping-werkvormen wordt de leerbehoefte van de deelnemers in kaart gebracht en als uitgangspunt voor het leerproces genomen; dit noemen we ook wel dubbel-context-leren;
  • Leefwereld als uitgangspunt: de deelnemers kiezen leeronderwerpen die voor hen het meest relevant zijn, zoals gezondheid, omgaan met de ander, opvoeding; daardoor ‘landt’ het leerproces veel sneller;
  • Semi-gestructureerd: er zijn suggesties voor dagprogramma’s en werkvormen, maar de cursusleider biedt ruimte aan het natuurlijke leerproces van de groep; daardoor krijgen de lerenden eigenaarschap over het leerproces;
  • Veilig: de cursisten herkennen zich in elkaar. Daarom worden homogene groepen gevormd qua sekse, taal en cultuur; de cursus start in de moedertaal en bouwt toe naar de doeltaal;
  • Begeleid door een rolmodel: de begeleider is iemand in wie de cursisten zich kunnen herkennen, en met wie zij dezelfde (moeder-)taal kunnen spreken; daardoor doen de lerenden succeservaringen op en hebben zij een doel;
  • Creatief en leuk: het leervermogen van de deelnemers wordt aangewakkerd door het gebruik van tal van speelse werkvormen; daardoor is leren leuk en ontwikkelen de deelnemers een ‘groei-mindset’, die ze ook overdragen op hun kinderen;
  • Uitdagend: de begeleider is een agoog die bewust en systematisch veranderingsprocessen aanmoedigt en perspectieven toevoegt, zodat reflectie en groei tot stand komt. Hierbij worden o.a. gasten uit zorg en welzijn bij de groep uitgenodigd en excursies georganiseerd.

De bijeenkomsten zijn gebaseerd op vijf stappen.

 

 

Deze worden beschreven in het boek Verandering begeleiden (Noordhoff, 2018), Hoofdstuk 2.